Op het moment dat Hans Walhout aankondigde dat hij met pensioen wilde gaan, verscheen er op zijn bureau een grote plantenbak met geraniums. Om alvast te oefenen. Maar na 48 jaar bij dezelfde werkgever heeft deze Team Lead Manufacturing Engineering zijn pensioen ruimschoots verdiend. Tijdens zijn loopbaan, eerst bij de Koninklijke Maatschappij De Schelde en later bij Damen Naval, heeft Hans een Word-bestand bijgehouden met alle schepen en projecten waaraan hij heeft gewerkt. Het is 21 pagina’s lang en zit vol anekdotes, foto’s en bijzondere details van een onvergetelijke carrière. Het vormde een vruchtbare bron voor dit interview.
Tekst: Eefje Koppers
Hans Walhouts eerste toegangspas.
Zowel zijn carrière bij De Schelde als het Word-bestand beginnen op 21 augustus 1978, als hij samen met 59 andere leerlingen begint op de Bedrijfsschool van de scheepswerf. “Ik had de mavo afgerond en studeren was niet mijn beste kant, dus ik kreeg van mijn vader, die zelf bij Pechiney werkte, de keuze: De Schelde of Pechiney”, vertelt Hans. Het werd De Schelde en de toen 17-jarige Hans koos voor de opleiding constructiebankwerker. “Ik weet niet zo goed waarom ik voor die opleiding koos, maar het was een goede keuze. Ik heb nog steeds profijt van alles wat ik geleerd heb, want ik sleutel thuis vaak aan motoren en brommers.”
Op de bedrijfsschool heerste een redelijk strak regime: op tijd komen, niet te lang koffiepauze, netjes je werkbank opruimen, gereedschap schoonmaken, legt Hans uit. “Je moest de leermeesters met baas aanspreken. Op vrijdagmiddag was het altijd opruimen en gróndig aanvegen. Na twee jaar Schelde-bedrijfsschool had je echt wel leren vegen.”
De bouw van Hr.Ms. Abraham Crijnssen maakte Hans van kiellegging tot en met de proefvaart mee.
Ter afronding van de bedrijfsschool deden de leerlingen het BEMETEL-examen van de Stichting Bedrijfsopleiding Metaal- en Electrotechnische Industrie. Met het diploma op zak waren de leerlingen verzekerd van een baan op de scheepswerf. Het eerste dienstjaar was een roulatieperiode waar iedere twee maanden een andere afdeling werd verkend. Voor zijn roulatie nam Hans een kijkje bij de bankwerkerij in de Machinefabriek, de Onderhoudsafdeling, de werkplaats van Scheldepoort en de afdelingen Afbouw Voortstuwing en Afbouw Uitrusting. “Na de roulatieperiode mocht je kiezen en ik heb gekozen voor Afbouw Voortstuwing. Frans Schets was onze baas; een rustige man waar ik veel van heb geleerd. Uit die tijd stamt ook mijn bijnaam ‘bolletje wol’ vanwege mijn krullenkop.”
Begin jaren tachtig was De Schelde druk bezig met de Standaardfregatten van de Kortenaer-klasse. De Koninklijke Marine had er tien besteld, maar nog tijdens de bouw werden er twee fregatten aan Griekenland verkocht (de Elli en Limnos). In plaats daarvan werden twee extra fregatten besteld: de luchtverdedigingsfregatten Hr.Ms. Jacob van Heemskerck en Hr.Ms. Witte de With. Voor Hans brak een leerzame periode aan: “De bouw van bouwnummer 357, Hr.Ms. Abraham Crijnssen, heb ik van kiellegging tot en met de proefvaart meegemaakt. De proefvaart ging van Den Helder naar Torquay, Portland, Newcastle en Stavanger. Aan boord werkten we samen met de bemanning en we hebben zelfs wachtgelopen, waaronder ook de hondenwachten van middernacht tot vier uur ‘s ochtends. Het was erg mooi om mee te maken, zeker op zo’n jonge leeftijd want ik was nog maar 21.”
In Griekenland werd de kapotte turbine van Hr.Ms. Abraham Crijnssen vervangen.
Zijn ervaring aan boord van Hr.Ms. Abraham Crijnssen kwam goed van pas toen het schip in oktober 1983 tijdens een oefening in de Middellandse Zee motorproblemen kreeg. “De Schelde nam samen met de Marine de beslissing om de kapot gedraaide Tyne-turbine ter plaatse uit te wisselen. Het schip was zo gebouwd dat dit zonder meer in korte tijd moest kunnen.” Een klein team van vijf, inclusief Hans, werd naar Griekenland gestuurd om de reparaties uit te voeren. “Dat was een uitdaging, want het schip lag met de kont tegen een kade. Maar het werk was een succes, mede door de samenwerking met de bemanning en specialisten van Rolls-Royce. We zijn vrijdag gestart met demontage en ’s zondags kon de nieuwe turbine al proefdraaien.” Hij voegt toe: “Hierna hebben we met dezelfde ploeg mensen de dieselgeneratoren gedemonteerd op de Limnos, vanwege slechte soldeerverbindingen in de rotor. Later zijn op alle S-fregatten de rotors eruit geweest en nagekeken.”
“Begin jaren negentig zat ik op de Planning-afdeling. Het was een drukke, intensieve tijd, want het was meer materiaaljagen dan plannen maar ik ken nog steeds artikelnummers uit mijn hoofd vanuit die periode.” Hans Walhout
Voor Hans is de Griekenland-klus een van de hoogtepunten van zijn beginnende carrière, samen met de koud-weerbeproevingen van Hr.Ms. Witte de With in 1986. De reis ging naar Noorwegen en IJsland en zelfs de poolcirkel over. Bij de Koninklijke Marine is er een traditie dat bij die gelegenheid Koning Boreas aan boord komt. “Dan moet de jongste opvarende het voorste kluisgat blauw schilderen. Als jongstgediende Schelde-collega mocht ik dat samen met de jongste marineman doen. Als beloning kregen we een glaasje Jenever, maar het kon ook zeewater geweest zijn”, lacht Hans.
In mei 1988 wordt Hans gevraagd om een half jaar te assisteren op de afdeling Werkvoorbereiding van wat toen nog het Bedrijfsbureau heette. Zoals hij zelf zegt: “Dat half jaartje is een beetje uitgelopen”, want hij is nooit meer weggegaan. Het Bedrijfsbureau zorgde ervoor dat alle benodigdheden beschikbaar waren voor de geplande werkzaamheden. Dit betekende dat er per activiteit een duidelijke taakomschrijving was met de benodigde materialen en gereedschappen en dat juiste materialen en onderdelen op tijd besteld en geleverd werden, zodat de Productieafdeling verder kon gaan met hun werk.
De Koning Boreas-ceremonie aan boord van Hr.Ms. Witte de With met Hans als derde van links.
Waar de werkzaamheden nu volledig gedigitaliseerd zijn, werd toen nog met jobkaarten, stuklijsten, verzendadviezen, interne bestellingen en memo’s gewerkt. Dat werd via interne enveloppen verstuurd naar de afdeling die de klus moest uitvoeren. Hans: “Je keek welke onderdelen er nodig waren voor een bepaalde klus en zorgde ervoor dat de verschillende afdelingen de benodigde maakdelen op voorraad hadden. Zo maakte je het pakket voor iedere klus compleet. Alles wat we doen, is erop ingesteld dat de productie kan doorwerken. Je wil namelijk niet dat de Productie niet verder kan omdat er iets ontbreekt of omdat ze naar spullen moeten zoeken.”
Het was een goede leerschool om in korte tijd veel van de organisatie van het bedrijf te leren, zeker wat papierwerk betrof, vertelt Hans. “Als werkman aan boord weet je gewoon niet wat er aan papierwerk bij de bouw van een schip komt kijken. Begin jaren negentig zat ik op de Planning-afdeling. Er ging een collega met pensioen en ik mocht zijn werk overnemen. Het was een drukke, intensieve tijd, want het was meer materiaaljagen dan plannen maar ik ken nog steeds artikelnummers uit mijn hoofd vanuit die periode.”
Hans (midden) tijdens werkzaamheden aan een schroefas.
Tussen 1990 en 2026 heeft Hans aan tientallen schepen gewerkt: van Surface Effect Ship Seaswift 2, bevoorradingsschip Hr.Ms. Amsterdam en veerboten Koningin Beatrix en de Island Commodore tot Landing Platform Docks Zr.Ms. Rotterdam en Zr.Ms. Johan de Witt, de Luchtverdediging- en Commandofregatten van de Zeven Provinciën-klasse en de patrouilleschepen van de Holland-klasse. Daarnaast waren er ook projecten voor internationale klanten: de Indonesische en Marokkaanse SIGMA’s, drie kustwachtschepen voor Zweden en het Research & Supply Vessel Nuyina voor Australië.
Terugkijkend op alle gepasseerde projecten, blikt Hans met de meeste voldoening terug op de SIGMA’s voor Marokko. “Met de bouw van de vier Indonesische SIGMA’s van de Diponegoro-klasse hadden we al veel kennis en ervaring met het SIGMA-concept en dat heeft zich uitbetaald in de drie fregatten die we voor Marokko hebben gebouwd. Het was echt een project waar je van A tot Z bij betrokken bent en ik heb zo veel samengewerkt met subcontractors, onderaannemers en de klant. We hadden een goede klik. Ik kreeg de bijnaam ‘Monsieur Préparation’ of ze spraken me aan met ‘Monsieur Walloet’.”
Een aantal van de schepen waaraan Hans Walhout de afgelopen 48 jaar heeft gewerkt.
Naast alle schepen waaraan hij heeft gewerkt, heeft Hans ook veel veranderingen in het bedrijf gezien; van reorganisaties en de overname door Damen Shipyards Group tot de introductie van nieuwe technologieën en softwaresystemen zoals Baan en SAP. Ook intern waren er veranderingen. Waar werkvoorbereiding altijd onderdeel was van het Projectbureau, volgde er per 1 januari 2024 een splitsing. Het Projectbureau werd het nieuwe Project Management Office en Werkvoorbereiding ging verder als een zelfstandige afdeling onder Productie: Manufacturing Engineering.
Toen hij in augustus 1978 als productiemedewerker op de Bedrijfsschool begon, kon hij niet vermoeden dat hij uiteindelijk als Team Lead op kantoor zou eindigen. Hij kijkt met voldoening terug op een indrukwekkende carrière. “Omdat Werkvoorbereiding zo dicht bij Productie staat, heb ik mijn werk als constructiebankwerker geen minuut gemist. Ik heb altijd veel contact met de productiecollega’s gehad en ze wisten me altijd te vinden als ze vragen hadden. Het werk was erg leuk en afwisselend: het aansturen, het helpen van mensen en het oplossen van problemen.”
Behalve de bak geraniums hadden de collega’s ook een scheurkalender gemaakt waarmee Hans kon aftellen naar zijn laatste werkdag. “Ik vind het wel spannend. Ik draag het werk goed over, maar het voelt vreemd dat ik straks niet meer naar kantoor hoef. Al ga ik het niet missen dat de wekker om 6 uur gaat. Ook heb ik thuis genoeg projecten om me bezig te houden: we willen een nieuwe keuken plaatsen, ik ga lekker sleutelen aan fietsen, brommers en motoren en ik heb drie volwassen kinderen die ik vast wat meer ga helpen in hun huizen.”
